Baktapur

Bhaktapur Travel Blog

 › entry 34 of 37 › view all entries

De wekker loopt om 06:30 af, maar we blijven nog lekker een kwartiertje liggen.

Als we er klaar voor zijn gaan we ontbijten, dit keer buiten het hotel, want gisteren hebben we geleerd dat het hier in het hotel niet zo denderend is. De naam van het restaurant waar we ontbijten kan ik niet onthouden, maar het is iets met een “o” erin en de tent zit aan de rechterkant van de straat, na de slinger in de weg. Ze serveren Mexicaans, Nepali en Continentaal eten, maar omdat dit nog maar ons ontbijt is houden we het simpel en bestellen alleen maar een omelet. Trudy gaat voor de omelet met champignons en ik wil de ham-kaas uitvoering wel eens proberen. Het eten is errug goed hier, de omeletten zijn zeker twee cm dik en als we ze open snijden komen de champignons eruit rollen. De bediening is erg snel, want we zijn binnen 50 minuten weer terug in het hotel (ik moet er wel bij zeggen dat het ook niet druk was in het restaurant).

We poetsen nog even onze tanden en vertrekken dat met een gehuurde bus richting Changu Narayan. Deze excursie wordt door Djoser betaald, het enige dat we zelf moeten betalen is de entree tot het complex. We moeten nog een aardig eindje rijden voor we bij de tempel zijn, deze staat boven op een flinke heuvel (of zou het een kleine berg zijn?) op 1700 meter hoogte en de enige manier om daar te komen is over een smal kronkelweggetje. Op een parkeerplaats laten we de bus achter, want het laatste stuk is een smal straatje met trappen over de hele breedte en aan twee kanten winkeltjes en kraampjes waar de bus niet door kan. We zien aan de rechterkant van het straatje een middeleeuwse bron waar een man zich staat te wassen, als hij hier niet wakker van wordt dan weet ik het ook niet meer, want het water moet ijs en ijskoud zijn. Een stukje verderop staan twee mannen het in heel Nepal bekende spel Carambool te spelen, ík snap er geen hout van, maar de twee gaan er helemaal in op. Uiteindelijk komen we dan toch bij de ingang van het oudste bedevaartsoord van de Kathmandu Valley. Het complex is volledig gewijd aan de Hindoe god Vishnu en in iets mindere mate aan zijn rijdier Garuda. Meteen als we de toegangspoort door zijn kijken we recht op het hoofdgebouw, de eigenlijke Changu Narayan Temple. Deze is rijkelijk versierd met houtsnijwerk, voornamelijk met afbeeldingen van Garuda (de hoekbalken die het dak ondersteunen) en Vishnu op alle overige daksteunen. Behalve met houtsnijwerk is de tempel ook versierd met beslag van al dan niet edelmetalen. Voor de hoofdingang van de Changu Narayan Temple, die gezien vanuit de toegangspoort aan de achterkant van het gebouw zit, staat een beeld dat de knielende Garuda voorstelt. Dit beeld is één van de mooiste kunstvoorwerpen uit de Lichhavi periode en is een personificatie van koning Mandev I die in de vijfde eeuw na Christus leefde. We bekijken het gebouw grondig aan alle kanten en komen zo nog een aantal verschillende verschijningsvormen van Garuda tegen, die mijn favoriete hindoe godheid is (met Ganesh als een goede tweede). We maken nog wat detail opnames van de tempel en komen dan uit bij het beeld van Nrisingh, de verschijningsvorm die Vishnu aannam om prins Pralhad (een demon die een aanbidder van Vishnu was) te redden van diens vader Hiranya Kshyap, die in het bestaan van geen enkele god geloofde. Uiteraard overleefde de slechte vader deze geschiedenis niet. Aan de zuidkant van de tempel staat het beeld van de incomplete olifant. De legende wil dat de steenhouwer halverwege was met de vormgeving van het beeld toen hij het alvast op zijn eigenlijke plaats in het complex wilde zetten, deze klus kreeg hij niet in één dag klaar en stopte tegen de avond. Toen hij de volgende dag terug kwam stond de olifant op de huidige plaats, de beeldhouwer besloot op die plek het beeld verder af te maken, maar toen hij begon te hakken begon de olifant te bloeden. De beeldhouwer zag dit als een teken van de goden en heeft het beeld gelaten in de staat waarin het toen verkeerde. We moeten nu zo langzamerhand maar eens terug naar de bus, want het halve uurtje dat we eigenlijk hadden om het complex te bezichtigen is al uitgelopen tot een uur. Tijdens de wandeling terug naar de bus koop ik twee setjes Nepali munten voor 170 rupees, gewoon voor de heb. Eenmaal terug bij de bus kunnen we kiezen of we te voet de berg af lopen naar Baktapur, onze volgende excursie van vandaag, of dat we met de bus mee rijden. Wij kiezen voor de tweede optie, omdat we dan meer tijd hebben in Baktapur. Onderweg moeten we een keer behoorlijk ver de berm in, omdat we een tractor tegen komen die we anders niet kunnen passeren op het smalle weggetje.

We stappen net als de rest van onze groep uit op de parkeerplaats voor toeristenbussen, maar gaan door een andere ingang de stad in. Trudy heeft op het laatste stukje van de busrit een ingang gezien die een stuk minder druk lijkt dan de ingang bij de parkeerplaats en hier gaan wij ons geluk beproeven. Helaas ontkomen ook wij niet aan de mannen die zich als gids aanbieden, maar de aanhouder wint en we gaan zonder gids de stad in. Waar de meeste mensen beginnen met het Durbar Square van Baktapur, beginnen wij met de meer afgelegen straatjes. Via smalle straatjes komen we bij een vijver waar de oude en nieuwe gebouwen in schril contrast tot elkaar staan, hier blijkt dat Baktapur niet alleen een monumentale, maar ook een bewoonde stad is. Gelukkig is het overgrote deel van de huizen in dezelfde authentieke stijl gebouwd, roodachtige bakstenen en bruine kozijnen en deuren. De straatjes zijn vergeven van de kleine altaartjes en tempeltjes die allemaal nog regelmatig geëerd worden, wat te zien is aan de rode kleurstof die o.a. op de hoofdjes van de godenbeelden gesmeerd is. De letterlijke vertaling van de naam Baktapur is niet voor niets “Stad der Toegewijden”. Na een tijdje slenteren komen we op Dattatraya Square, een plein met een tempel en twee pilaren met daarop o.a. weer een afbeelding van Garuda. Op een ander pleintje dat een behoorlijk stukje verwijderd is van het drukke Durbar Square, gaat het dagelijkse leven van de inwoners van de stad gewoon zijn gangetje. Het gedeelte van de stad waar we nu lopen is erg rustig en we wanen ons de enige toeristen. We naderen de oever van een rivier en hier staan een paar kinderen te kletsen bij een levensgroot Boeddha beeld. In Baktapur hebben de Hindoes en de Boeddhisten altijd in harmonie samen geleefd, vandaar dat we hier van beide geloven veel beelden tegen komen. Een klein stukje verderop is het plein van de Largest Shivalinga, een eerbetoon aan de heilige penis van Shiva, in totaal staan er wel zo’n 30 Lingams op dit kleine pleintje. We slaan linksaf naar de rivieroever en zien een oude vrouw een offer brengen bij een sculptuur. Aan de oever loopt een kleine korte kade waar ook nog een aantal beelden staan, maar omdat dit dood loopt moeten we de weg terug die we gekomen zijn. Dan pas zien we aan onze rechterhand een gangetje dat naar een tempeltje toe loopt dat in de achtertuin van een huis lijkt te liggen. Links van het weggetje dat we terug moeten lopen staat een beeld dat ik erg mooi vind, maar ik ben bang dat mijn foto zal mislukken, omdat ik die tegen de zon in moet maken, gelukkig is ze alleen een beetje flets geworden en is het beeld nog goed te zien. Omdat we hier geen enkele toerist gezien hebben denken we een redelijk onbekend stukje van de stad gevonden te hebben en dat vinden we stiekem heel erg gaaf, want wat is er nou leuker dan dingen zien die een ander niet gezien heeft? We lopen rustig door smalle steegjes richting Durbar Square, maar komen eerst nog het Taumadhi plein tegen met de schitterende Siddhi Laxmi tempel, die in de vorm van een vijf etages hoge pagode gebouwd is. Aan de oostkant van het plein staat de Bhairab Nath tempel, ook één van de trekpleisters van de stad. Hier lopen we toevallig Ronald en Ineke weer tegen het lijf.  Het gebied rond Durbar Square is vergeven van de souvenir winkeltjes en gidsen, dit is één van de hoogtepunten van de Nepalese toeristen industrie. Op zich logisch, want het plein is dan ook geweldig mooi. Het plein staat écht ramvol met tempels. Achter een nauwe stenen doorgang bevindt zich een badplaats die uitsluitend voor de koningen van weleer bedoeld was. Aan het plein staat het paleis van Baktapur en hierbij staat een tempel die gewijd is aan de godin die de oorsprong vormde van de Kumari traditie. Hier mogen alleen Hindoes naar binnen en fotograferen is al helemaal uit den boze, we mogen alleen even door de poort naar binnen kijken. We willen nog even gaan kijken op Talako, het pottenbakkersplein, om hier te komen moeten we een straatje in dat aan de overkant van Durbar Square ligt en zo komen we toch eerst weer even langs een paar mooie gebouwen. Het pottenbakkersplein valt in omvang wat tegen, op foto’s die we er van gezien hebben leek het groter, maar het is wel leuk om te zien hoe de ambachtslieden met hun werk bezig zijn. We lopen door een ander straatje weer terug naar Durbar. Als we op het plein zijn zoekt Trudy even een toilet op en maak ik een overzichtsfoto van het belangrijkste plein van Baktapur. Terwijl ik wacht ga ik staan kijken naar de ingang van een school waar de kinderen voortgezet onderwijs kunnen volgen. De ingang word bewaakt door een paar prachtige stenen leeuwen. We lopen wel door de hoofdingang naar buiten en worden meteen besprongen door een aantal verkopers die mij o.a. een paar zogenaamde antieke dolken willen aansmeren, ik zeg tegen de man dat ik met die dingen het vliegtuig naar Nederland niet meer in kom en we maken dat we bij de bus komen. We zijn precies om twee uur bij de bus, exact de tijd die we afgesproken hebben voor we de stad in gingen. Wim en een paar anderen komen pas om kwart over twee aankakken, wat we slordig vinden, omdat een reisleider toch het goede voorbeeld dient te geven.

Join TravBuddy to leave comments, meet new friends and share travel tips!
Bhaktapur
photo by: Kathmandu1