Marokko
De aankomst was in Tanger, over zee. In afwachting van de problematische paspoortcontrole, stonden we na twee minuten in Tanger. Op vrije voeten! Geen mens nam de moeite ons paspoort te bekijken! Dus werd het tijd onze eerste blik op Marokko te werpen, het land van duizend en één nacht. Een muur. Een hoge muur. Op deze muur, mannen. Bewapende mannen. Militairen. Even slikken, de backpacks op de rug en op zoek naar een "grand taxi" die ons naar Larache brengt. Wijs als we zijn, nemen we natuurlijk niet de "petit taxi", die ons voor veel te veel geld naar de taxistandplaats brengt. Nee, wij laten ons niet bedriegen, wij lopen dat stukje wel. Dat stukje werd een uitdaging, bergopwaarts, ondertussen alle "hustlers" van ons afschuddend. Nee, wij willen geen "petit taxi"... Onze eerste kennismaking met Marokko is een feit. We voelen het, en het voelt goed! En, vergeet niet, 50 cent per persoon bespaard. Wijs als we zijn!
Niets doen in Larache. Na een nacht afzien in een budgethotel, werd het tijd voor luxe. Een goed bed, een bad, rust. Heerlijk eten. Een beetje zonnen op het strand. Heerlijke muntthee op het terras. Heerlijke muntthee...maar onze westerse lijfen snakken soms naar wijn. Helaas...dit is Marokko.
Rabat was ook Marokko, een prachtige stad, mèt wijn! Marokko heeft wèl wijn. Heerlijke wijn. Het is alleen moeilijk te vinden. Zullen we hier voor altijd blijven..? En dan de souk. Een adembenemende verzameling prachtige spullen, voor weinig geld. Onderhandelen onder het genot van het onmisbare glaasje muntthee. Als je het spel één keer kent, wil je niet anders meer! Mijn huis herinnerd me nog vaak aan deze bijzondere reis: dag kleed, dag poef, dag jas...koud hier, hè?
Na Rabat kwam Casablanca. Een havenstad zoals deze hoort te zijn: duister en uitgeleefd, maar ondanks alles toch charmant. Een slechte liefde...gevaarlijk. Oualidia daarentegen, een simpel stadje aan zee. Klaar voor onze komst, ze kennen toeristen. Op het strand liggen in bikini, zonder duizend paar ogen op je gericht. Eten afgestemd op onze westerse magen. Helaas...dat laatste.
En dan nog de stad waarvoor ik al jaren een heimlijke liefde voel! Marrakech, de sprookjesstad! Een sprookje is het, oranje van kleur. Souks om te verdwalen, rond te zwerven met een koffertje... Want oh, al die prachtige spullen, hoe krijgen we die nu toch thuis? Ook de binnenkant van de stad was prachtig: overnachten in een Riad. Achter de anonieme deur zit een paradijsje. Een plek om tot rust te komen. Een binnenplaats waar 's ochtends het heerlijke ontbijt klaar staat. Het zwembad voor de verkoeling. Een dakterras voor de zonnestralen. En 's avonds voor een rustig moment met onze (geïmporteerde) drankjes.
Maar ook Marrakech, ontdekt door de toeristen. Toeristen, ontdekt door de bewoners, die een bron van inkomsten zien. Daardoor confrontaties, soms respectloos behandeld. En een Duitse familie, die de rust in onze Riad wreed verstoorde. Maar ook weer het mooie, de gastvrouw die haar opluchting met ons deelt, na het vertrek van eerder genoemde familie. Het mannetje van de kiosk die ons, met zijn vriendelijke lach, het gevoel geeft welkom te zijn.
Marokko, souks en muntthee. Marokko, contrasten en confrontaties. Marokko, een land wat ik niet snel zal vergeten. Een land waar ik niet snel zal terugkeren. Marokko, het was goed er te zijn!








